Antwerpen 2005Verslag





Verbond van de Kamers van Rhetorica Vlaanderen - Nederland vzw.

Antwerpen

22e Internationaal Rederijkers Congres

11 en 12 juni 2005


Zaterdag 11 juni 2005

In Antwerpen, deze stad, bijna onbereikbaar, de rondweg volledig opgebroken, waar aan alle kanten gebouwd wordt, waar alle oude gebouwen in de steigers lijken te staan en omgetoverd worden in hybride semi-monumenten met staal en glas, daar organiseerden 3 kamers samen dit congres: de Violieren, de Olijftak en de Goudbloem.
Staat dit symbolisch ook voor dit congres? Oud en nieuw?

Hier in Antwerpen werd in 1561 het laatste grote landjuweel gehouden en 22 jaar geleden werd hier een eerste congres van het internationaal Verbond van kamers van Rhetorica gehouden

Ontvangst bij de Olijftak en daarna in het stadhuis.
In het lokaal van de Olijftak in de Zirkstraat, gemoedelijke ontvangst, veel bekende gezichten of onbekenden: spelers die straks aan de wedstrijd zullen deelnemen
Om 2 uur ontvangst op het stadhuis door de schepen van cultuur die hoopt dat wij op nieuw langs komen wanneer het MAS het 'Museum Aan de Schelde' klaar is over twee jaar
Een rondleiding in het stadhuis toont ons de aanvankelijke bloei in 15e, 16e, ondergang in 17e, 18e en herrijzenis in de 19e en 20e eeuw in vele wandschilderingen.

Toneel Tornooi
Dan is het tijd voor de toneel tornooi, hiertoe gaan wij naar de St Nicolaasplaats. Op de binnenhof treden de kamers in het strijdperk, morgen zal Mark van Strydonck deskundige en zeer actief op het gebied van Straattheater ons uitleggen hoe het decor vroeger opgebouwd werd. Nu doen we het met een simpele verhoging.

Ghesellen vd H. Michiel 4 kamers spelen in straattheater-vorm hetzelfde stuk, maar allen geheel verschillend
Wat zijn de verschillende essenties van rederijkerstoneel?
Dat het een boodschap heeft : zie de Balsemblomme
dat het vermaakt met politiek venijnig commentaar: zie Moyses Bosch
dat het pure klucht is : Trou moet Blijcken, Moyses Bosch
dat het de tekst zo authentiek mogelijk reconstrueert: Ghesellen vd H. Michiel , Trou

Kamer van Retorika de Ghesellen van de H. Michiel
Kleurige aankleding, Bij hen wordt de, niet eens zo stevige, marskramersmand ook werkelijk voor het vervoer van Werrebach gebruikt, door een marskramer die veel plezier in het geheel heeft, ook als hij niets zegt.
Een klassiek klucht die door het dialect niet aan verstaanbaarheid, maar wel aan authenticiteit wint . De kleding is direct als het ware uit een schilderij van Breughel weg gelopen .
In het begin was het even onduidelijk wie er nu eigenlijk meer leed de man of de vrouw en waaraan of om wie.

Moyses Bosch
Dat was bij het tweede stuk natuurlijk al een stuk duidelijker, toen hadden we het hele verhaal al gehoord en gezien. Nu kwam de variatie en dat is ook leuk. Elke afwijking van de tekst kun je nu zien in het licht van het origineel. En ze hadden er iets moois van gemaakt. De titel-drank werd van Playerwater, Pleegwater.
De man is goed als hippie, de vrouw in blauwe bloemetjes jurk, heeft een vaag soort pseudo-groningse tongval, die later verdwenen is.
Reizen gaat niet meer te voet, maar per vliegtuig waardoor de echtgenoot te vroeg terug kan zijn , dus moet hij de ander kant van de wereld langs..
De marskramers mand werd een serveer karretje in het vliegtuig en een schot voor open doel was de steward(ess) die zo perfect gepersifleerd werd, dat iedereen in en deuk lag. Die scène werd door het succes misschien wel iets te lang gerekt.
De politicus heeft de rol van de priester overgenomen: beiden als fatsoens rakkers een te bestrijden macht, de macht?
De vrouw wil de man terug nadat hij, volgens haar de MP "zo dapper" verjaagd heeft ( omdraaiing van de oorspronkelijke moraal).
Of je normen en waarden van het land Respectiel Fatsonië wel zo te grazen mag nemen is voor een kluchtschrijver ook vroeger nooit een vraag geweest.

Dan de Balsemblomme
Dit was het meest intrigerende stuk in vormgeving, je blijft er naar kijken iedere keer weer, meer ballet haast dan toneel met goede zeer functionele zang en muziek
Toegevoegd zijn twee spelers in het zwart: het virus HIV en Luca het common ancester gen, Zij zijn meer ideeën dan werkelijkheid, zij beïnvloeden de overigen als marionetten bespelers.
Valt er nog iets te zeggen over hun spanning tot de overige spelers en dus de richting van hun bewegen (of tot elkaar)? De een vernietigd, de ander schept. Niet beide geheel passieve toeschouwers dus, of toch het onafwendbare noodlot?
Juist omdat de tekst zo gestileerd is moet wat binnen de draaipunten gebeurd sterk zijn.
Ik had nog graag iets meer gezien zoals de priester samen met de vrouw: kleine toneeltjes binnen het toneel. Halverwege is een cruciale scène met de tekst "Haast u, neem uw tijd" waarin de vrouw de man ronddraait en wegduwt. Werd sterk afgesloten met de constatering van HIV: "Eens hij weg is kan de ander komen"
Was de kleding keuze: wit ondergoed, ook weer sterk gestileerd absoluut nodig?
Als idee was het duidelijk, maar kleur wat passie had kunnen aanduiden moest zo ontbreken, kleurige bovenkleding in het begin, bijvoorbeeld ook voor Werrebach, in dezelfde mate als voor de pater misschien? De uniforme dwang van de onderkleding met was name aan het slot inderdaad toch nodig in het beeld? Misschien wel. Boeiend stuk.

Tot slot Trou moet Blijcken
Een ongecompliceerde klucht, een man in travestie, ook als zij zo nu en dan de stem niet helemaal hoog kon houden of de tekst kwijt is, hij blijft komiek, een schitterende rol.
De vondst was natuurlijk de rei: het sprekende bos, dat elk gevoel opving en versterkte.
De marskramer een zuipende echte Haarlemmer, de scrabreuze versjes van pastoor en vrouw van een bandeloze lol, die verder uitspelen van de liefdes scene overbodig maakt, wat op hun leeftijd maar goed was ook Zij kregen de prijs, als je in aanmerking neemt dat ze sinds 1610 geen gelegenheid meer hebben gehad ooit nog kluchten te spelen, dan was het met dit enthousiasme wel verdiend.

Na afloop ging men naar Restaurant de Zeven Schaken aan de grote markt. Een bijzondere vleessoep (hoe heet zoiets?) was het avondmaal. Onder het genot hiervan en menig pilsje werd de uitleg door de voorzitter van de jury bekend gemaakt:
"Mensen die het lef hebben om oeroude stukken te spelen en er het stof van af te blazen ..."
Dat was het deze middag .
Het duurde nog lang daar 's avonds (voor een wandeling naar de Olijftak was het al te laat. )

Zondag 12 juni 2005

De dag van de academische zitting, deze zal plaats vinden in het Horta gebouw aan het Hopland
Het Horta gebouw, een van vele, gebouwd door architect Horta, stond oorspronkelijk in Brussel. Het bouwwerk van, nog steeds futuristische, gietijzeren Art-deco pilaren onder vreemde hoeken, is in Antwerpen weer opgebouwd en van een nieuwe glazen jas voorzien.

Na een welkom van Herlinde Borms van de Antwerpse Rederijkers sprak dhr. Mark van Strydonck over: "Playerwater: iconografie van een wagenspel"
Inderdaad het spel dat gisteren 4 keer meer of minder compleet gespeeld werd.
Hij doet dit aan de hand van schitterend beeldmateriaal.
En het is telkens dit stuk dat afgebeeld staat. Blijkbaar was het "het" archetypische wagenspel
Eerst toont hij de verschillen met de ernstige tableaux vivants t.g.v intochten bijvoorbeeld bij de intrede van Anjou in 1582 met tableaux uit het oude testament.
"Wie over het paradijs spreekt zal er naar kijken en het met de hand aanwijzen"
Of het Gheestelijk spel van het Heilig Sacrament met 8 togen ( tableaux).
Hoewel er renaissance decors met diepte geschilderd worden, blijft het opgestelde beeld in de togen middeleeuws statisch en vlak.

Dan komen we bij de Cluyte , de klucht uit de titel van de lezing.
Dit wordt altijd gespeeld op een plankier op tonnen, op geen enkel schilderij is een wagen te zien.
Het publiek staat, toortsen branden aan weerszijden van het toneel, om aandacht te trekken.
De achterkant van het toneel werd altijd afgesloten door een achterdoek, maar daaraan vast, er direct achter, is met doek rond 4 staken een vierkant afgeschermd, waar de spelers zich verbergen, die wachten op hun beurt om op te komen. En ook alle rekwisieten zijn daar, zolang ze nog niet nodig zijn, verborgen. Pas eind 18e eeuw wijzigt zich deze vorm.
Een tamelijk recente poging tot reconstructie was, naar blijkt uit deze beelden, niet precies genoeg.

Na het referaat van Mark van Strydonc volgt een concert door het duo Serenata.
Zoals altijd zijn de solisten voor het intermezzo met zorg uitgezocht:
Annemie Cromheeke op harp en Bart Cromheeke op dwarsfluit spelen stukken van Mozart. Bois Mortier e.a.

Na het verleden iets over interactie in het heden: Dialecten
Een lezing door Dirk Jan Eppink, geboren in Steenderen bij Bronkhorst in de Gelderse Achterhoek. Hij is journalist en lid geweest van het kabinet van Euro-commissaris Bolkestein. Hij schreef o.a. het boek "Vreemde buren" over politieke cultuurverschillen en werkt nu voor de Estlandse Europese afvaardiging. Hij zag in Estland een toren met de naam: "Kiek in de Kuken"( kijk in de keuken), een voorbeeld om aan te geven hoe ver zijn noord-saksische dialect zich verspreid heeft via de Hanze.
Toen hij in 1977 ging studeren in Amsterdam aan de VU viel hem pas de invloed van het dialect op de eigen tongval op.
Enige van zijn observaties met een leerzame ondertoon, zal ik hier proberen weer te geven:

Haarlems heet het meest pure Nederlands te zijn, de Hollanders spreken de ch uit heel diep in de keel en veel Amsterdamse figuren met lelijke guturalen, zien inwoners van Limburg en Brabant daarom van wege hun lichte g, als inboorlingen uit een soort "Limbabwe".
Antwerpenaren spreken over 'de Limburg' zoals over de Congo en over 'de Vlaanderen'. Bij een stadsdialect hoort dus een stadspatriottisme. Een stedelijke tongval is "leuk" en met een plattelandstongval is men: 'waarschijnlijk mentaal gehandicapt', alleen het Fries is exotisch

Veel dialecten zijn verloren gegaan door de komst van de eenheids-taal en door de vertaling van de Bijbel in het Nederlands. Dit proces wordt nu sterk versneld door radio en TV, daardoor, door deze TV, is het Nederlands nu bij iedereen de omgangstaal, ook als de ouders nog het dialect spreken. Dit vergt inlevings- en aanpassingsvermogen van het kind.
Tweetaligen, mensen met een tweede moedertaal, bijvoorbeeld een dialect, weten daardoor beter te onderscheiden wat ze kunnen van wat ze niet kunnen.
De randstedeling hoeft dit niet ( tot nu toe) en denkt daardoor één- dimensioneler en dat leidt tot zelfoverschatting: "wij zullen (de buitenlanders) de waarheid vertellen". Hollanders denken dat ze Engels, Duits en Spaans spreken, (en de buitenlanders helpen hen niet uit de droom).

Bestuursstructuur:
Er is een opvallende overeenkomst van de taal van een land met de bestuursstructuur:
De centralistisch ingestelde landen, Nederland en Frankrijk, stemden beiden "NON".
Een dialect in Frankrijk zou een voorbode kunnen zijn van een afscheiding en is daarom verdacht.
Rusland kent eveneens weinig geaccepteerde dialecten, heeft een centralistische structuur en heeft veel cultuur overgenomen uit het Frans. Er zijn veel Franse woorden in het Russisch
Terwijl landen met gedecentraliseerde structuren, Duitsland en België, meer nuances te zien geven.

Duitsland
Schmidt was een Hamburger, F.J.Strauss een Beier. Helmuth Kohl was trots op zijn sissende Rheinlandse tongval. Dat was in Frankrijk of Nederland niet mogelijk. Daar telt iemand met een dialect niet mee.

Belgïe
Het Vlaams in Vlaanderen is een verzameling van dialecten, het Nederlands is daar pas laat geaccepteerd. Een politicus moet hier veel dialect spreken. Het standaard Vlaams bestaat niet. Het is dus Nederlands of dialect. Elke 3 km verandert het dialect, de buren kan men verstaan, maar na 90 km is dit niet meer mogelijk. Een West-Vlaming en een Limburger kunnen elkaar niet verstaan en je ziet Limburgers dan spreken in slow motion.
Er was één taal nodig die hen bond en dat werd het Nederlands. Maar de cultuur verschillen zijn groot:
Voor de Nederlander geldt: afspraak is een absoluut argument: afspraak is afspraak
En voor de Belg: afspraak is een tijdelijk arrangement, als uitgangspunt.

Groot Brittannië
In Groot Brittannië heeft de taal tevens een sociale status: Eaton en Oxford upperclass english, versus Coronationstreet working class Engels.
Een dialect hoeft geen achterstand te betekenen, via de school en TV zijn er voldoende mogelijkheden tot verwerven van taalvaardigheid en dit levert daarnaast een grotere mentale flexibiliteit op.

Europa
Een dialect is in Europa geen bezwaar voor de Europese integratie. Eén-dimensioneel, nationaal denkende mensen hebben daar meer problemen mee. De Vlaming is verscheidenheid gewoon. De Amsterdammer zal dat in Brussel nog moeten leren.
Er vormt zich een nieuwe taal, het frans gaat eruit, duits haalt het niet, de nieuwe lidstaten spreken engels en engels wordt daarom de nieuwe voertaal van de Europese integratie, maar geen brits- engels!
Franse termen uit de Eurocommissie, immers de basis van het geheel, worden vertaalt in Euro-engels. Een voorbeeld vanuit het frans is: "policy of proximity". Men zal de constructies uit de eigen taal verengelsen tot een Europees dialect, dat lekker bekt.

Na deze vermakelijke en kritische lezing weer een intermezzo door het duo Serenata.
Daarna presenteerde Willy de Meyer hoofdman van de Ghesellen van HeiligeMichiel uit Brugge "de Caert " de uitnodiging voor het volgend congres in Brugge. Zijn kamer viert dan ook de 50e verjaardag van haar her-stichting.
Een congres met een wetenschappelijk onderzoek naar de kamer in de Middeleeuwen, toneel wedijver en ontdekken van de stad,
de datum is 10 en 11 juni 2006.

Na het voortreffelijk middagmaal in het Horta gebouw, de statutaire vergadering, waarbij ook onze erevoorzitter Leon van der Velde aanwezig was.
En dan tot slot een stadswandeling, door vele straten en stegen tot aan "het Steen", het begon op 't eind licht te regenen.
Na een afscheidsdronk bij de Violieren aan de St Nicolaasplaats was het congres Antwerpen 2005 alweer geschiedenis.

JABuiskool


Thumbnails congres
Thumbnails stadswandeling